Visie-missie gps

 

‘De leerling is de maat als leren niet vanzelf gaat.’

 

De leerling is de maat, als leren niet vanzelf gaat, is het motto van de Gooise Praktijkschool. Wij werken samen aan een school waar leerlingen, ouders en medewerkers trots op zijn en waar zij zich veilig voelen om optimaal te leren, te werken en zich te ontplooien. Wij geloven in de mogelijkheden van onze leerlingen.

Praktijkonderwijs bereidt de leerling voor op functies binnen de regionale arbeidsmarkt op een niveau dat ligt onder het niveau van de assistent-opleiding.

Op de Gooise Praktijkschool bieden wij onze leerlingen de volgende uitstroomroutes:

  • naar een reguliere arbeidsplaats;
  • naar een beschermde arbeidsplaats;
  • naar een beroepsopleiding op het ROC, niveau-1;
  • tussentijds doorstromen naar het leerwegondersteunend onderwijs.

Om elke leerling een passende route te kunnen laten volgen is maatwerk noodzakelijk.

In het praktijkonderwijs leren leerlingen zo zelfstandig mogelijk te leven. Het onderwijs-programma richt zich daarom op het verwerven van competenties op het gebied van werken, wonen, vrije tijd en burgerschap.

Het onderwijs bestaat uit een gedeelte waarin aangepast theoretisch onderwijs, persoonlijkheidsvorming en het aanleren van sociale vaardigheden worden verzorgd, en een gedeelte waarin leerlingen worden voorbereid op het uitoefenen van functies op de arbeidsmarkt.

Na het succesvol doorlopen van het praktijkonderwijs ontvangt de leerling een getuigschrift praktijkonderwijs.

Het Amerikaanse onderwijskundig concept ‘One Kid at a Time’ van de ‘Big Picture Company’ is als uitgangspunt genomen bij het tot stand komen van dit visiedocument. De basis van dit concept is dat elke leerling werkt vanuit een persoonlijk leerplan dat gebaseerd is op hun passies, interesses, capaciteiten en behoeften. De overtuiging daarbij is dat leren het best plaatsvindt wanneer een leerling actief deelneemt aan zijn eigen leerproces. Onze taak is hen daarbij aan te moedigen, uit te dagen en te begeleiden.

‘Big Picture’ wordt niet in zijn geheel door ons overgenomen. Ons onderwijssysteem en onze leerling-populatie verschillen daarvoor te veel van de Verenigde Staten. Wel zijn we sterk door ‘Big Picture’ geinspireerd geraakt en hebben we als uitgangspunt voor ons onderwijs gekozen voor die onderscheidende factoren uit dit model die wij vinden passen bij het praktijkonderwijs.

 

Leren in de echte wereld

Leren door doen is belangrijk voor onze leerlingen. De helft van onze schoolactiviteiten is daarom praktisch en doe-gericht. Praktijkvakken en stages vormen de kern van ons onderwijs.

Het onderwijs is gericht op het leerlingen helpen verwerven van competenties en praktische vaardigheden. Competenties verwerf je niet uit boeken, je leert ze door ze te oefenen en in praktijk te brengen. We creëren daarom een levensechte leeromgeving binnen school en hebben in alle leerjaren betekenisvolle activiteiten buiten de deuren van onze school. Leren in de echte wereld vindt dus plaats van buiten naar binnen èn van binnen naar buiten. Dit vraagt een intensieve interactie en samenwerking met de omgeving van de school.

Leren in de echte wereld houdt ook in dat leren niet alleen plaatsvindt onder schooltijd. Onderdelen van het persoonlijk leerplan van de leerling kunnen ook worden uitgevoerd op andere momenten waarop de leerling bezig is met zijn/haar passie.

 

Onderwijs persoonlijk maken

We geloven in de mogelijkheden van de leerlingen en nemen hen serieus. Leerlingen maken in hun schoolloopbaan steeds vaker zelf keuzes en leren verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen leerproces. Naast het basisaanbod aan leerstof wordt het onderwijs steeds meer gestuurd door de ontwikkelingsvragen van de leerling. Op basis van die vragen en het potentieel van de leerling wordt het persoonlijk leer- en ontwikkelingstraject vormgegeven.

De school biedt iedere leerling een persoonlijk leerarrangement aan gebaseerd op hun mogelijkheden, interesses, passies, talenten en behoeften. Het persoonlijk leerarrangement bestaat uit een Individueel Ontwikkelingsplan en een Persoonlijk Leerplan. Het Individueel Ontwikkelingsplan (IOP) is een op de leerling toegesneden plan waarin staat hoe wordt omgegaan met de individuele leervragen van de leerling, de mogelijkheden en moeilijkheden met betrekking tot leren zelf en/of de sociaal-emotionele ontwikkeling. Het Persoonlijk Leerplan (PLP) is een concreet leerplan dat gebaseerd op de interesses, passies, talenten en behoeften van de leerling.

Bij het vormgeven van het persoonlijk leerarrangement betrekt de school de leerling, de ouders/verzorgers en de voor de leerling belangrijke anderen actief.

De rode draad binnen het persoonlijk leerarrangement zijn de algemene arbeidscompetenties.

De leerling legt zijn ontwikkeling vast in een persoonlijk portfolio en toont de doorgemaakte ontwikkeling en de verworven competenties op eigen wijze aan anderen door het geven van presentaties.

 

Betrokkenheid ouders/verzorgers/belangrijke anderen

Leren vindt niet alleen op school plaats. Daarom worden ouders/verzorgers en belangrijke anderen uit de leef- en werkomgeving van de leerling actief bij het vormgeven van het persoonlijk leerarrangement van de leerling betrokken.

Ouders/verzorgers worden betrokken als medeverantwoordelijke, maar ook ten behoeve van het verhogen van de motivatie van de leerling. Andere voor de leerling relevante volwassenen maken het zoeken naar en realiseren van de passie mogelijk. Zij zijn bekend in het netwerk van de school en daar waar mogelijk betrokken in het leerproces van de leerling.

Naast deze direct aan de leerling gekoppelde werkwijze, kent de school een palet aan activiteiten ten behoeve van de relatie met ouders en alle andere relevante betrokkenen bij het onderwijs. De school is een gemeenschap waartoe verschillende netwerken behoren.

 

Professionele ontwikkeling

Onze groei naar een moderne, eigentijdse school voor praktijkonderwijs vereist dat wij actief onze professionele ontwikkeling ten aanzien van ons pedagogisch en didactisch handelen op peil houden, maar ook dat wij gebruik kunnen maken van de nieuwste technologische ontwikkelingen. Elke medewerker heeft dan ook een persoonlijk leerplan (PLP) dat structureel in samenspraak met de direct leidinggevende wordt bijgesteld. Net als bij leerlingen vormen competenties de basis van dit persoonlijk leerplan.

Naast individuele professionalisering is er ook sprake van teamontwikkeling. Een professionele cultuur in de vorm van een lerende organisatie is het streven. Dit betekent een permanente lerende houding in de ontwikkelingslijn van de school. Er is ruimte voor pilots, experimenten en projecten die passen binnen de visie van de school. Reflectie en evaluatie maken resultaten zichtbaar en beïnvloeden de ontwikkelingslijn van de organisatie. Fouten maken mag en is haast een vereiste om te kunnen doorontwikkelen.

Om individuele -en teamontwikkeling mogelijk te maken, is er een open cultuur waarin men elkaar gevraagd en ongevraagd feedback geeft. Deze feedback is gerelateerd aan het werk en aan de gemaakte afspraken binnen school. Waar nodig en gewenst worden deze afspraken aangepast en/of geactualiseerd.

We leren van én met elkaar. In het team is veel kennis, creativiteit, deskundigheid en ervaring voorhanden. Daar maken we gebruik van door het toepassen van collegiale consultatie, intervisie en door het inzetten van medewerkers conform hun kwaliteiten.

Ook voor de ontwikkeling van ons onderwijs is leren in de echte wereld van belang. Leren van en met collega-scholen, maar ook het deelnemen aan netwerken van instellingen voor arbeid, zorg en onderwijs en contacten met bedrijven in de omgeving van de school. 

 

Zorg

Wij willen onze leerlingen al die support geven die zij nodig hebben om tot maximale ontplooiing te komen. “Maar leren gaat niet vanzelf”. Vaak hebben leerlingen al de nodige frustraties en problemen ervaren. Wij bieden ze structuur, individuele aandacht en betrokkenheid. We streven naar positieve school- en succeservaringen. De leerlingzorg richt zich op de didactische, persoonlijke en sociale ontwikkeling. Veel aandacht wordt besteed aan sociale vaardigheden én het hanteren van waarden en normen.

Op onze school respecteren we verschillen in afkomst en cultuur. Daarom zijn er duidelijke richtlijnen hoe respectvol met elkaar om te gaan. Iedereen heeft daarbij rechten én plichten. We zijn met elkaar verantwoordelijk voor de cultuur waarin we samen werken. Als medewerkers geven wij het goede voorbeeld.

Voorwaarde om te kunnen leren is het gevoel van veiligheid. Zowel leerlingen als medewerkers, als ouders en bezoekers moeten zich veilig weten binnen de school en haar directe omgeving. We streven daarom kleinschaligheid na en willen recht doen aan kwaliteit van zorg én veiligheid, ook als het schoolgebouw ruim 250 leerlingen telt.

 

 “De leerling is de maat.” Dit betekent dat we om moeten kunnen gaan met de verschillen die er tussen leerlingen zijn. Het zorgaanbod speelt hierop in, maar binnen de grenzen van onze taak als onderwijsinstelling.

De spil in de begeleiding is de mentor/coach. Deze bewaakt het traject, signaleert én bespreekt voorkomende problemen. Het zorgteam begeleidt en ondersteunt docenten, mentoren en leerlingen. Waar nodig wordt gebruik gemaakt van de expertise van externe instanties. De grenzen tussen de in- en externe zorg zijn helder gedefinieerd.

De zorg voor de leerlingen houdt niet direct op na het verlaten van de school. Na het behalen van het getuigschrift praktijkonderwijs wordt door middel van verschillende activiteiten nazorg vormgegeven.